Eén datacenter, één procent van de nationale stroom. Dat is de opmerkelijke uitkomst nu Microsoft voor het eerst laat zien hoeveel elektriciteit zijn vestiging in Nederland verbruikt. Volgens de NOS gebruikte het datacenter in Middenmeer, in Noord-Holland, vorig jaar 1,17 terawattuur stroom, ongeveer één procent van de circa 112 terawattuur die heel Nederland in een jaar verbruikt.

Zoveel als 1,9 miljoen huishoudens

Ter vergelijking: dat verbruik komt overeen met de stroom van zo'n 1,9 miljoen huishoudens. Dat één enkel bedrijfspand zoveel trekt, maakt in één klap concreet hoe zwaar datacenters op het net drukken.

Microsoft maakte de cijfers openbaar omdat Europese regels dat voorschrijven, niet uit eigen beweging. Andere grote spelers houden de boot af: Google heeft in Nederland eveneens grote datacenters, maar wil zijn verbruikscijfers niet geven omdat het die als concurrentiegevoelig beschouwt.

Samen ruim vier procent

Het gaat allang niet meer om één locatie. Volgens het CBS nam een kleine groep van ongeveer 45 grote datacenters samen zo'n vier à vijf procent van het Nederlandse stroomverbruik voor hun rekening. Dat aandeel groeit mee met de opkomst van kunstmatige intelligentie, die veel rekenkracht en dus veel energie vraagt.

Druk op het net

Het stroomverbruik van datacenters is een gevoelig onderwerp, juist omdat het elektriciteitsnet op veel plekken in Nederland al vol zit. Nieuwe grootverbruikers kunnen er soms niet zomaar bij, en verschillende regio's zijn terughoudend met de komst van nieuwe datacenters.

Daarmee raakt het verhaal aan een bredere afweging. Datacenters brengen investeringen en werk, maar ze concurreren om schaarse netcapaciteit met woonwijken, industrie en de energietransitie. Nu voor het eerst zwart op wit staat hoeveel één datacenter verbruikt, wordt die afweging een stuk tastbaarder, en de vraag hoeveel Nederland er nog bij wil, urgenter.