Gemeenten grijpen steeds vaker naar een stevig middel om jongeren in het gareel te krijgen: de dwangsom. Met zo'n last onder dwangsom kunnen zij minderjarigen een fors geldbedrag in het vooruitzicht stellen als die niet stoppen met bepaald gedrag. Het gebruik ervan neemt toe, meldt de NOS. Tegelijk is er een ongemakkelijke vraag die meestal onbeantwoord blijft: helpt het eigenlijk wel?
Snel, en zonder rechter
De aantrekkingskracht voor gemeenten is duidelijk. Een dwangsom is een bestuurlijk instrument: de gemeente kan het zelf opleggen, zonder dat er een rechter aan te pas komt en zonder de lange weg van het strafrecht. Daardoor kan er snel worden ingegrepen, bijvoorbeeld bij aanhoudende overlast. Voor bestuurders die onder druk staan om "iets te doen", is dat een verleidelijke optie.
De grote onbekende: werkt het?
Maar over de effectiviteit tasten gemeenten zelf in het duister. Of een dreigende boete jongeren daadwerkelijk van wangedrag afhoudt, is nauwelijks onderzocht. En er liggen lastige vragen onder. Kan een minderjarige zo'n bedrag überhaupt betalen? Belandt de rekening uiteindelijk niet gewoon bij de ouders, met alle spanning in het gezin van dien? En wat als een jongere door de schuld juist verder in de problemen raakt?
Zorgen over rechtsbescherming
Juristen plaatsen bovendien principiële kanttekeningen. In het strafrecht gelden allerlei waarborgen voor verdachten — denk aan het recht op bijstand en op hoger beroep. Bij een bestuurlijke dwangsom zijn die waarborgen veel beperkter, terwijl de financiële gevolgen voor een jongere groot kunnen zijn. Daarmee komt ook de proportionaliteit in beeld: is een geldboete wel een passend middel voor een kind, dat zich nog volop ontwikkelt en de gevolgen lang niet altijd overziet?
Deskundigen wijzen erop dat schulden jongeren kwetsbaar maken — in het ergste geval een duwtje richting verkeerde netwerken, in plaats van eruit.
Meten, dan pas oordelen
De kern van de kritiek is niet dat handhaving onnodig is, maar dat een ingrijpend middel wordt ingezet zonder te weten of het werkt. Zolang gemeenten niet structureel bijhouden of dwangsommen overlast en herhaling echt verminderen, blijft de aanpak vooral een gok — met minderjarigen als inzet. De roep om eerst goed te onderzoeken wat het oplevert, voordat het instrument breder wordt ingezet, klinkt dan ook steeds luider.



