Een sprookje uit de Cariben

Het voetbaljaar 2026 kent geen mooier verhaal dan dat van Curaçao. Op 18 november 2025 hield het eiland in Kingston de Jamaicanen op 0-0, en dat ene punt was genoeg: Curaçao won zijn groep in de afsluitende ronde van de CONCACAF-kwalificatie en plaatste zich voor het eerst in de geschiedenis voor een WK.

Wat het zo bijzonder maakt: met iets meer dan 150.000 inwoners is Curaçao het kleinste land ooit dat zich voor een WK kwalificeerde. Het eiland steekt daarmee eerdere 'kleintjes' als IJsland voorbij.

De Nederlandse hand

De band met Nederland is overal voelbaar. De bondscoach is Dick Advocaat, die met zijn 78 jaar de oudste bondscoach ooit op een WK wordt. Zijn weg naar het toernooi was grillig: begin 2026 trad hij tijdelijk terug vanwege de gezondheid van zijn dochter, waarna hij in mei terugkeerde.

Ook de selectie ademt Nederland. Curaçao kwalificeerde zich zonder dat er één speler op het eiland geboren is; de ploeg leunt op spelers met een Curaçaose afkomst en een Nederlands paspoort. Een flink deel van de selectie speelt in Nederland, met namen als Armando Obispo, Shurandy Sambo, Sherel Floranus, Juninho Bacuna en Brandley Kuwas.

Het eiland leeft mee

De kwalificatie werd wereldnieuws, met veel internationale aandacht voor de Nederlandse rol in het succes. Op Curaçao, waar het straatbeeld al jaren wordt gekleurd door blauwe shirts, betekent een WK-ticket meer dan sport: het is een nationaal trots- en identiteitsmoment voor een eiland dat gewend is in de schaduw van grotere buren te staan.

Onbevangen naar Noord-Amerika

In aanloop naar het WK koos Advocaat bewust voor ontspanning boven druk; zijn ploeg ging ongeslagen door de slotfase van de kwalificatie. Voor het toernooi zelf geldt vooral dat Curaçao niets te verliezen heeft. Wat vaststaat: een eiland van ruim 150.000 mensen staat straks tussen de grootmachten van de wereld. Klein land, groot hart, en een verhaal dat het voetbal nog lang zal koesteren.