Het kabinet biedt officiële excuses aan aan de zogeheten afstandsmoeders en hun kinderen. Het gaat om vrouwen die tussen 1956 en 1984 hun pasgeboren kind moesten afstaan voor adoptie, vaak onder zware maatschappelijke en institutionele druk. Namens het kabinet spreekt staatssecretaris Van Bruggen (D66) van Justitie en Veiligheid de excuses uit. Dat melden NRC en de NOS.
Een verzwegen leed
In de decennia na de oorlog gold een ongehuwde zwangerschap als een schande. Duizenden jonge vrouwen werden daardoor voor een onmogelijke keuze gesteld — of zagen zich helemaal geen keuze gelaten. Onder druk van familie, kerkelijke instellingen en instanties stonden zij hun baby af. Volgens de cijfers gaat het om ruim 13.000 vrouwen en zo'n 15.300 kinderen.
Voor veel betrokkenen tekende die gebeurtenis de rest van hun leven. Moeders die hun kind nooit meer terugzagen, en kinderen die opgroeiden zonder hun biologische ouders — beiden dragen een verlies dat lang onbesproken bleef.
Wat de overheid erkent
De kern van de excuses is de erkenning dat ook de overheid een rol speelde. Betrokkenen willen, zoals een van hen het in NRC verwoordt, "horen dat de overheid medeverantwoordelijk is geweest". Instanties zoals de Raad voor de Kinderbescherming waren destijds betrokken bij de gang van zaken, en er was onvoldoende oog voor de kwetsbare positie van moeder en kind.
Met de officiële excuses erkent het kabinet dat leed en die medeverantwoordelijkheid. Het is een vorm van erkenning waar belangenorganisaties en betrokkenen jarenlang om hebben gevraagd.
'Een begin, geen eindpunt'
Tegelijk klinkt bij de betrokkenen een duidelijke boodschap: excuses alleen zijn niet genoeg. Belangenorganisaties noemen het een eerste stap, maar wijzen erop dat er meer nodig is — zoals goede toegang tot dossiers, hulp bij het zoeken naar biologische familie en zorgvuldige begeleiding. Woorden moeten worden gevolgd door daden.
Erkenning van historisch onrecht
De excuses passen in een bredere lijn waarin de Nederlandse overheid onrecht uit het verleden onder ogen ziet. Het erkennen van wat afstandsmoeders en hun kinderen is aangedaan, kan die pijn niet ongedaan maken, maar biedt betrokkenen wel iets wat lang ontbrak: de bevestiging dat hun leed echt was, en dat zij niet alleen verantwoordelijk waren voor wat hun overkwam. Hoe de vervolgstappen eruitzien, zal de komende tijd moeten blijken.



