Gastland Mexico heeft op het WK voetbal een belangrijke horde genomen. In het volgepakte Azteca-stadion in Mexico-Stad werd Ecuador met 2-0 verslagen. Daarmee bereikt Mexico de achtste finale — en dat is bijzonder, want het is voor het eerst sinds veertig jaar dat het land weer een knock-outwedstrijd op een WK wint. Dat melden onder meer ESPN en Al Jazeera.

Snel op voorsprong

Mexico had de wedstrijd al voor rust in een beslissende plooi gelegd. In de 22e minuut opende Julián Quiñones de score met een raak schot. Nog geen tien minuten later, in de 31e minuut, verdubbelde Raúl Jiménez de voorsprong, mede na een fout in de Ecuadoraanse verdediging. Bij die 2-0 bleef het; Ecuador kwam er in de rest van de wedstrijd niet meer overheen.

Rode kaart voor Ecuador

Voor Ecuador werd de avond nog zuurder. In de blessuretijd kreeg verdediger Piero Hincapié een rode kaart. De ploeg eindigde het duel dus niet alleen met een achterstand, maar ook met tien man. Voor Mexico was er weinig dat de feestvreugde nog kon drukken.

Uitgesteld door noodweer

De wedstrijd begon later dan gepland. Boven het stadion trok zwaar onweer met bliksem, waarop de organisatie uit voorzorg de aftrap uitstelde. Bij dreigend bliksemgevaar is het internationaal gebruikelijk om te wachten tot het veilig is. Toen het noodweer was weggetrokken, kon alsnog worden gespeeld — en liet Mexico zich door de vertraging niet uit het veld slaan.

Einde aan een lange wachttijd

De zege heeft voor het Mexicaanse voetbal een grote symbolische waarde. Al decennia sneuvelde het land steevast in de eerste knock-outronde van een WK; de laatste keer dat het die horde nam, was in eigen land in 1986. Met het thuispubliek in de rug is die vloek nu doorbroken. In de achtste finale wacht de winnaar van het duel tussen Engeland en DR Congo — een nieuwe kans voor Mexico om verder te stunten op zijn eigen WK.