Myanmar heeft vrijdag op grote schaal in beslag genomen drugs vernietigd. In de steden Yangon, Mandalay en Taunggyi werden partijen verbrand met een geschatte straatwaarde van ruim zeshonderd miljoen dollar — omgerekend een kleine zeshonderd miljoen euro, melden onder meer ABC News/AP en Xinhua.

Ruim vijftig ton, op de VN-drugsdag

In totaal ging het om meer dan vijftig ton verdovende middelen: heroïne, opium, methamfetamine (yaba of crystal meth), ketamine, cannabis en ecstasy, plus chemische grondstoffen voor de productie van synthetische drugs. De verbranding viel samen met de Internationale Dag tegen Drugsmisbruik en Illegale Drugshandel, die jaarlijks op 26 juni wordt gehouden. Myanmar organiseert op die dag al jaren ceremoniële vernietigingen — een signaal aan de buitenwereld dat het land de drugscriminaliteit aanpakt. Volgens de autoriteiten lag de waarde van de vernietigde partijen ruim twee keer zo hoog als een jaar eerder.

Burgeroorlog voedt de drugseconomie

Dat de strijd verre van gewonnen is, illustreren de cijfers zelf: hoe meer er wordt vernietigd, hoe meer er doorgaans wordt geproduceerd. Sinds de militaire staatsgreep van 2021, waarbij het leger de gekozen regering afzette, verkeert Myanmar in een verwoestende burgeroorlog. In dat machtsvacuüm groeide de drugsproductie sterk, aldus deskundigen, geciteerd door NBC News. Gewapende groepen financieren zich mede met de handel.

De Gouden Driehoek

Myanmar geldt sinds de Taliban in 2021 de opiumteelt in Afghanistan grotendeels verboden, als de grootste opiumproducent ter wereld. Het land vormt samen met aangrenzend Laos en Thailand de zogenoemde Gouden Driehoek, al decennialang het epicentrum van de illegale drugsindustrie in Zuidoost-Azië. Critici wijzen erop dat zolang de gewapende conflicten voortduren en milities aan de drugshandel verdienen, spectaculaire vernietigingsceremonies vooral symbolisch blijven — het onderliggende probleem blijft bestaan.