Zelf met een groep mensen je woningen beheren of bouwen, zonder winstoogmerk: dat is het idee achter een wooncoöperatie. Een nieuwe wet moet die stap een stuk makkelijker maken. Voorstanders zijn enthousiast, want tot nu toe liepen zulke initiatieven vaak vast op onduidelijke regels en terughoudende banken.

Wat is een wooncoöperatie?

Bij een wooncoöperatie beslissen bewoners samen over hun woningen en woonomgeving. Soms beheren ze woningen die eigendom blijven van een corporatie, soms bezitten of bouwen ze de woningen zelf. Kenmerkend zijn gedeelde voorzieningen en een sterke onderlinge betrokkenheid. Omdat er geen winst wordt gemaakt, kan de huur lager uitvallen dan elders.

Wat verandert er?

De Wet bevordering wooncoöperaties geeft de wooncoöperatie een duidelijke plek in de wet. Dat helpt vooral bij de financiering: banken wisten lang niet goed hoe ze zo'n collectief moesten beoordelen en hielden daardoor de hand op de knip. Daarnaast worden gemeenten aangespoord om beleid te maken dat coöperaties stimuleert, en komt er geld beschikbaar om initiatieven op weg te helpen.

Geen wondermiddel

Tegelijk blijft de praktijk weerbarstig. Banken financieren doorgaans maar een deel van de bouwkosten, waardoor initiatieven het resterende bedrag via subsidies, fondsen en eigen inbreng bij elkaar moeten brengen. Voorstanders benadrukken dan ook dat de wet vooral een begin is: het neemt drempels weg, maar de wooncoöperatie zal de wooncrisis niet in haar eentje oplossen. Wel kan ze, zo is de hoop, een groeiend aandeel van de nieuwe woningen voor haar rekening nemen.