Leeftijd is maar een getal, zeker op de judomat. De Haagse Harm Scheltens heeft op zijn 87ste zijn derde dan behaald, en dat is bijzonder.
Laat begonnen, ver gekomen
Het opmerkelijkste is misschien wel wanneer hij begon. Scheltens stapte pas op zijn 78ste voor het eerst de judoschool binnen, de Benoordenhoutse judoschool in Den Haag. Tien jaar later staat hij op de derde dan.
Zijn keuze voor deze sport was er een van eliminatie. "Ik ben gaan tennissen, maar dat vond ik wat te slap", vertelt hij. Judo, met zijn worpen en valpartijen, beviel hem duidelijk beter.
Wat een derde dan betekent
Voor wie de vechtsport niet kent: het dan-systeem meet hoe ver een judoka gevorderd is. Na de zwarte band (de eerste dan) volgen de tweede en de derde dan, oplopend tot maximaal de tiende dan. Die allerhoogste graad is wereldwijd maar voor een handjevol mensen weggelegd, zo'n twintig in totaal.
Een derde dan is dus een serieuze graad, die jaren van training vraagt.
Zeldzaam op deze leeftijd
Dat een 87-jarige zo'n graad haalt, is uitzonderlijk. "Mensen die jonger zijn halen wel een tweede of derde dan. Maar op deze leeftijd zie je dat eigenlijk niet", zegt trainer Peter van Deventer.
Het vraagt ook iets bijzonders van het lichaam: vallen, draaien en werpen worden met de jaren steeds lastiger. Scheltens houdt zich op de been met discipline: hij traint twee tot drie keer per week judo, oefent dagelijks met een elastische band voor zijn schouderworpen, en drinkt nauwelijks alcohol.
Een inspiratie
Het verhaal van Scheltens is er een om vrolijk van te worden. Op een leeftijd waarop velen het rustiger aan doen, staat hij nog wekelijks op de mat en boekt hij vooruitgang. Het is het levende bewijs dat je nooit te oud bent om iets nieuws te beginnen, en er zelfs nog in uit te blinken.



