Een berm die volledig wordt kortgemaaid ziet er netjes uit, maar is voor insecten in één klap een kaalslag. Steeds meer beheerders kiezen daarom voor "gefaseerd maaien": telkens een deel van de berm laten staan. Volgens NU.nl groeit dat uit tot de nieuwe norm voor bermonderhoud.

Hoe het werkt

Het idee is simpel: maai niet alles tegelijk, maar bijvoorbeeld de ene keer de ene helft en de volgende keer de andere. Zo blijft er altijd een strook met bloeiende planten en begroeiing staan. Dat betekent dat er doorlopend nectar en stuifmeel te vinden is, en dat er schuilplekken overblijven waar insecten en hun larven kunnen zitten.

Wordt een berm in één keer helemaal kaalgemaaid, dan verdwijnt op datzelfde moment het voedsel én de leefplek van bijen, vlinders en zweefvliegen. Ook eitjes en rupsen die tussen het gras zitten, gaan dan verloren. Door gefaseerd te werken blijft dat kleine ecosysteem overeind.

Waarom insecten ertoe doen

Insecten vormen een onmisbare schakel in de natuur. Ze bestuiven planten, waaronder veel gewassen, en dienen als voedsel voor vogels en andere dieren. Het gaat al langer niet goed met veel insectensoorten, en verschraalde, te vaak gemaaide bermen dragen daaraan bij. Bermen kunnen juist waardevolle linten van groen zijn die natuurgebieden met elkaar verbinden.

Op weg naar standaard

Organisaties als De Vlinderstichting pleiten al langer voor deze aanpak, en steeds meer gemeenten, provincies en waterschappen nemen haar over. Een groot voordeel is dat het weinig extra kost: het vraagt vooral een andere planning, niet meer werk. Nog niet overal is gefaseerd maaien de regel, maar het idee wint duidelijk terrein, en zou volgens voorstanders de gewone manier van bermbeheer moeten worden. Ook in de eigen tuin geldt trouwens hetzelfde principe: laat wat langer gras en bloemen staan, en de insecten profiteren mee.