Het kabinet maakt werk van de handhaving van de spreidingswet. De verantwoordelijke minister heeft tien gemeenten op het matje geroepen omdat zij te weinig doen om asielzoekers op te vangen. Deze gemeenten komen onder verscherpt toezicht te staan.
Wat is de spreidingswet?
De spreidingswet verplicht gemeenten om mee te werken aan de opvang van asielzoekers. Waar het lange tijd van vrijwillige medewerking afhing, verdeelt de wet de opvang nu over het hele land, waarbij elke gemeente een aandeel krijgt op basis van onder meer het inwonertal. Komen gemeenten er onderling niet uit, dan kan het Rijk de verdeling opleggen. Het doel is de druk op de opvang eerlijker te spreiden en te voorkomen dat een handvol gemeenten en noodopvanglocaties de last dragen.
Verscherpt toezicht
De tien gemeenten die nu worden aangesproken, voldoen volgens het kabinet niet aan hun wettelijke verplichtingen. Zij worden uitgenodigd voor een gesprek en moeten concreet maken hoe en wanneer zij alsnog opvangplekken gaan regelen. Werkt een gemeente niet mee, dan kan de minister uiteindelijk verdergaande stappen zetten en in het uiterste geval zelf een locatie aanwijzen. Met het aanspreken van deze eerste groep wil het kabinet laten zien dat de wet geen vrijblijvendheid kent.
Gevoelig onderwerp
Asielopvang ligt in veel gemeenten gevoelig. Bestuurders wijzen op een gebrek aan geschikte locaties, op de druk op voorzieningen en soms op weerstand onder inwoners. Tegelijk benadrukt het kabinet dat opvang een gedeelde verantwoordelijkheid is en dat de lasten niet steeds bij dezelfde plaatsen mogen liggen. De komende weken moet blijken of de aangesproken gemeenten alsnog over de brug komen, of dat de spanning tussen Rijk en lokaal bestuur verder oploopt.



