Koningin Máxima is terug van een werkbezoek aan India. Drie dagen lang reisde ze door het land in haar functie als speciale pleitbezorger van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties voor financiële gezondheid — een rol die ze al jaren vervult en waarover ze zich steevast met zichtbaar enthousiasme uitlaat.
Toegang tot financiële diensten
De rode draad van het bezoek was de toegang van mensen tot betaalbare en veilige financiële diensten. India is op dat vlak een interessant land: het maakte de afgelopen jaren grote stappen, en volgens het Koninklijk Huis heeft inmiddels een ruime meerderheid van de Indiërs een bankrekening. Tegelijk blijft er werk aan de winkel, vooral als het gaat om de financiële positie van vrouwen en mensen op het platteland.
Van fintech-app tot centrale bank
Máxima ging op verschillende plekken in gesprek met mensen die digitale financiële diensten gebruiken, zoals werknemers die via een app hun salaris en uitgaven beheren en jonge gebruikers van een digitale bank. Daarnaast sprak ze met deskundigen over het meten van financiële gezondheid en over de drempels die vrouwen ondervinden.
Op bestuurlijk niveau ontmoette de koningin de gouverneur van de Indiase centrale bank en, als afsluiting van de reis, premier Narendra Modi, aan wie ze haar bevindingen voorlegde.
Een mandaat dat haar ligt
Het VN-werk is meer dan een formaliteit voor Máxima. Al sinds 2009 zet ze zich als pleitbezorger in voor financiële inclusie — het idee dat iedereen, ook mensen met een laag inkomen, toegang verdient tot een rekening, sparen, verzekeringen en betaalmogelijkheden. Het is een thema dat ze in talloze landen onder de aandacht heeft gebracht, van Afrika tot Azië. Het bezoek aan India past naadloos in die jarenlange missie.



