Het was een offer dat miljoenen Nederlanders graag brachten: de wekker zetten of de slaap uitstellen tot na middernacht, alleen om te zien hoe Oranje het laatste groepsduel op het Wereldkampioenschap voetbal in Noord-Amerika speelde. De aftrap viel rond kwart voor één 's nachts Nederlandse tijd — en tóch bleven ruim 1,6 miljoen mensen gemiddeld voor de televisie zitten.
Anderhalf miljoen in het holst van de nacht
Volgens de kijkcijfers keken gemiddeld zo'n 1,6 miljoen mensen naar de uitzending op NPO 1, met een totaalbereik dat opliep tot ruim twee miljoen. Daarmee was het een van de best bekeken nachtelijke uitzendingen van het jaar tot dusver. De trouwe nachtkijkers werden bovendien beloond: Nederland won met 3-1 van Tunesië en ging als groepswinnaar door naar de knock-outfase.
Het tijdsverschil drukt de cijfers
Het contrast met de eerdere groepsduels is groot. Die werden op gangbaarder tijden gespeeld en trokken aanzienlijk meer publiek — de wedstrijden tegen Japan en Zweden haalden volgens mediaberichten elk ruim vier miljoen kijkers. Dat het WK dit jaar in de Verenigde Staten, Canada en Mexico wordt gehouden, maakt het voor Europese fans structureel lastiger om live te kijken: het tijdsverschil loopt al snel op tot zes à negen uur.
Toch laat de kijkcijferdata zien dat de oranjekoorts sterker is dan de vermoeidheid. Ondanks het nachtelijke tijdstip bleef een miljoenenpubliek wakker.
Het echte aantal ligt hoger
De officiële cijfers tellen bovendien alleen thuiskijkers met een geregistreerd televisietoestel. Kroegen, sportkantines, publieke schermen en feestende straten blijven buiten beeld. Het werkelijke aantal Nederlanders dat wakker bleef voor Oranje lag daarmee vermoedelijk nog een stuk hoger. En mochten de knock-outduels op nóg latere tijden vallen, dan wordt opnieuw een groot kijkerspubliek verwacht — de oranjekoorts stopt klaarblijkelijk pas als Oranje zelf stopt.



