Het verhaal van Ricky van Wolfswinkel begon op een grasveld in het Utrechtse dorp Woudenberg, en het eindigt er ook. Na een profcarrière van bijna twintig jaar ruilt de 37-jarige spits het hoogste voetbal in voor het shirt van zijn jeugdclub VV Woudenberg. "Voelt alsof ik nu iets kan terugdoen," liet hij weten over zijn terugkeer.

Een Europese omzwerving

De loopbaan die hij achter zich laat, is er een van formaat. Van Wolfswinkel doorliep de jeugd van Vitesse en brak door bij FC Utrecht, waarna hij naar het buitenland trok: Sporting Lissabon, een miljoenentransfer naar Norwich City in de Engelse Premier League, en daarna een succesvolle periode bij FC Basel in Zwitserland. Hij speelde tweemaal voor het Nederlands elftal. De laatste vijf seizoenen was hij een gewaardeerde spits bij FC Twente, waar hij in mei 2026 zijn afscheid als prof nam.

Dat zijn carrière niet zonder tegenslag verliep, maakt het verhaal des te opmerkelijker. In 2019 werd bij een routineonderzoek een hersenaneurysma ontdekt, waarvoor hij geopereerd moest worden. Hij keerde terug en speelde daarna nog jaren op het hoogste niveau.

Thuiskomen op De Grift

De timing van zijn terugkeer is bijzonder gunstig. Woudenberg promoveerde dit seizoen naar de eerste klasse, het hoogste amateurniveau. Voor de spits, die zijn hele loopbaan al droomde van een afsluiting bij zijn dorpsclub, is de cirkel daarmee rond. "De mensen uit Woudenberg hebben mij altijd gevolgd en gesteund. Ik wil nu iets teruggeven," zei hij eerder.

In het dorp sloeg het nieuws in als een bom. Toen bekend werd dat de oud-international mogelijk zou terugkeren, stond de telefoon van de club volgens lokale media roodgloeiend.

De derde helft als laatste horde

Eén ding maakt de routinier toch wat zenuwachtig: de befaamde derde helft. Die uitgebreide nabespreking in de kantine, traditioneel met een biertje of wat meer, is een instituut in het Nederlandse amateurvoetbal. Van Wolfswinkel kondigt alvast aan zich daar niet helemaal in te zullen storten. "Ik ben niet zo'n zuiper," waarschuwt hij zijn nieuwe ploeggenoten.

Wat hem wél trekt, is het simpele plezier van dichtbij huis voetballen. "Met mijn vrienden en familie, lekker dicht bij huis op het terras — dat lijkt me prachtig." Na de grote stadions van Lissabon, Norwich en Bazel eindigt het allemaal waar het begon: op het sportpark van een Utrechts dorp, tussen de mensen die hem kennen sinds zijn eerste passen met een bal.