Waarom de aflossingsvrije hypotheek onder druk staat
Bij een aflossingsvrije hypotheek betaalt u alleen rente en lost u tijdens de looptijd niets af. Aan het einde van de rit staat de volledige schuld dus nog open. Dat maakt de constructie kwetsbaar, en toezichthouder AFM waarschuwt daar al langer voor. Volgens de AFM bestaat ruwweg de helft van de Nederlandse hypotheekschuld uit (gedeeltelijk) aflossingsvrije leningen, en lopen de meeste daarvan af tussen 2035 en 2040. Een deel van de huishoudens heeft mogelijk onvoldoende spaargeld om de schuld dan af te lossen.
Welke regels strenger worden
Grote geldverstrekkers passen in 2026 hun beleid aan. In grote lijnen mag u nog maar 30 procent van de woningwaarde aflossingsvrij financieren, in plaats van de eerdere 50 procent. Volgens De Hypotheekshop voeren onder meer Rabobank, Obvion, de banken van de Volksbank-groep, ABN AMRO, ING en Florius deze aanscherping dit jaar door, een aantal met een maximum van rond de 150.000 euro aflossingsvrij. De exacte ingangsdata en plafonds verschillen per aanbieder en kunnen nog wijzigen.
Daarnaast geldt al langer dat u bij een nieuwe of overgesloten hypotheek (afgesloten ná 2013) in maximaal 30 jaar volledig moet aflossen om recht op renteaftrek te houden. Een zuiver aflossingsvrije nieuwe lening levert dus geen renteaftrek meer op.
Waarom dit oudere huizenbezitters het hardst raakt
Volgens De Hypotheker zit zo'n driekwart van de aflossingsvrije hypotheken bij 55-plussers. Bij verschillende verstrekkers wordt vanaf ongeveer 57 jaar getoetst op het te verwachten pensioeninkomen, dat doorgaans lager ligt dan het werkende inkomen. Daardoor kunt u minder lenen op het moment dat u verhuist of oversluit.
De Hypotheker rekent voor: een stel van 57 met samen 120.000 euro inkomen en een aflossingsvrije hypotheek van 250.000 euro kan bij verhuizing nog maar 150.000 euro aflossingsvrij financieren. Het verschil moet dan worden afgelost, wat de netto woonlasten met circa 1.750 euro per jaar verhoogt.
Daar komt het einde van de hypotheekrenteaftrek bovenop. Voor leningen van vóór 2001 begon de 30-jaarstermijn op 1 januari 2001 en stopt de aftrek per 1 januari 2031. Lager pensioeninkomen, einde aftrek en strengere toetsing komen zo tegelijk samen.
Wat u kunt doen
- Breng uw einddatum en aftrektermijn in kaart. Controleer wanneer uw lening afloopt en of de renteaftrek (vóór-2001-leningen) in 2031 stopt.
- Los (deels) vrijwillig af wanneer u ruimte heeft, om de restschuld en toekomstige rentelast te verkleinen.
- Wacht niet met oversluiten of verhuizen als dat in uw planning zit: de toetsing op pensioeninkomen en de nieuwe 30-procentgrens maken het later mogelijk lastiger.
- Maak een afspraak met een onafhankelijk hypotheekadviseur om uw situatie door te rekenen.
Neem ook contact op met uw eigen geldverstrekker: veel banken benaderen klanten met aflossingsvrije leningen proactief over de mogelijkheden.



