De Tour de France kent dit jaar een parcours met twee opvallende uitersten: een ongebruikelijke start in Barcelona en een uitzonderlijk zwaar slot in de Alpen. Tussen die twee ligt een route van zo'n 3.321 kilometer. Dat schetst de NOS in een voorbeschouwing.

Zeldzame start in Barcelona

De Tour opent op zaterdag in Barcelona met een ploegentijdrit — een zeldzaamheid. Zo'n openingsrit per ploeg kwam eerder pas één keer voor, in 1971 in Mulhouse. Bijzonder is dat het gaat om een ploegentijdrit waarbij de finishtijden van de renners afzonderlijk tellen, zodat het klassement meteen individuele verschillen kent.

De sprinters moeten geduld hebben: de eerste vlakke etappe die op een massasprint is toegesneden, staat pas op dag vijf op het programma. Dat is voor het eerst sinds 1992 dat de snelle mannen zo lang op hun eerste kans moeten wachten.

Dubbele klim naar Alpe d'Huez

Het echte hoogtepunt ligt in de laatste week. De legendarische Alpe d'Huez keert na vier jaar terug — en komt zelfs twee keer voorbij. Op vrijdag 24 juli fungeert de berg als tussenstop, en op zaterdag 25 juli als aankomstplaats, ditmaal bereikt via de Col de Sarenne. Twee keer die beroemde klim in korte tijd is een uitzonderlijke keuze van de organisatie.

De voorlaatste etappe, de twintigste, wordt een monsterrit met zo'n 5.450 hoogtemeters. Daarin liggen onder meer de ruim 24 kilometer lange Col de la Croix de Fer en de Col du Galibier, die met 2.642 meter tot de hoogste punten van de Tour behoort. Het is bij uitstek de dag waarop het klassement kan worden beslist.

Wat het betekent voor het klassement

Een parcours als dit vraagt om complete renners. De ploegentijdrit levert meteen tijdverschillen op, de lange aanloop voor de sprinters houdt het klassement vroeg in beweging, en de opeenstapeling van zware bergritten in de slotweek maakt dat het gevecht om de gele trui tot diep in de derde week kan doorlopen. Wie op Alpe d'Huez kraakt, kan alsnog alles verspelen.

Uitkijken naar juli

Voor de Nederlandse wielerliefhebber belooft het opnieuw een zomer met veel kijkplezier. De combinatie van een spectaculaire buitenlandse start, de vertrouwde Franse bergreuzen en een dubbele Alpe d'Huez maakt van deze editie er een om naar uit te kijken. Pas als de renners daadwerkelijk aan de klim beginnen, zal blijken wie het parcours het beste weet te temmen.