Elk jaar trekt de Europese Commissie een fors budget uit om Europese landbouwproducten te promoten, binnen en buiten de EU. In 2024 ging het om ruim 185 miljoen euro, bedoeld om de afzet van Europese agri-foodproducten te vergroten. Op het eerste gezicht klinkt dat neutraal. Maar wie kijkt waar het geld heen gaat, stuit op een opvallend patroon.

Een fors deel naar vlees en zuivel

Uit een analyse van de honderden campagnes die met dit promotiegeld zijn gevoerd, blijkt dat een aanzienlijk deel uitsluitend op vlees en zuivel was gericht — samen goed voor honderden miljoenen euro's aan EU-financiering. Daar komt nog een reeks campagnes bij die vlees en zuivel combineren met andere producten.

Dat zou te verdedigen zijn als die campagnes eerlijk zouden communiceren over de milieu-impact van vlees. Maar critici stellen het tegendeel vast.

'Misleidende' milieuclaims

Europarlementariër Delara Burkhardt (sociaaldemocraten, Duitsland) spreekt van verspilling van belastinggeld en eist dat de Commissie stopt met het financieren van misleidende milieubeweringen. Onderzoekers documenteerden campagnes waarin de uitstoot van de vleessector werd gebagatelliseerd, en waarin de intensieve veehouderij zonder nuance werd voorgesteld als goed voor de biodiversiteit. Olivier De Schutter van het onderzoeksplatform IPES-Food noemde het programma "alweer een cadeau aan de industriële veeteelt".

De grotere tegenstrijdigheid

Het promotieprogramma is slechts het topje van de ijsberg. Binnen het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) — met afstand de grootste begrotingspost van de EU — gaat een overweldigend deel naar de dierlijke sector. Uit onderzoek bleek dat rund- en lamsvlees honderden keren meer GLB-subsidie ontvangen dan plantaardige eiwitbronnen als linzen en bonen.

Dat wringt met de cijfers over uitstoot. Dierlijke producten zijn verantwoordelijk voor het overgrote deel van de broeikasgasuitstoot van de Europese voedselproductie, terwijl ze maar een fractie van de calorieën leveren. De landbouwsector als geheel is goed voor ruim een tiende van de totale EU-uitstoot, waarvan een groot deel uit de veeteelt komt.

Ook vanuit Nederland klinkt kritiek. Europarlementariër Anja Hazekamp (Partij voor de Dieren) vroeg de Commissie waarom de EU rood en bewerkt vlees promoot, terwijl die producten door de Wereldgezondheidsorganisatie als (mogelijk) kankerverwekkend zijn geclassificeerd.

Brussel verdedigt zich

De Commissie wijst erop dat het promotieprogramma ook biologische producten en verse groenten en fruit steunt, en dat de meeste directe landbouwsteun sinds 2003 is "ontkoppeld" van de productie: boeren krijgen betalingen die niet rechtstreeks samenhangen met de hoeveelheid vlees die ze produceren. Volgens de Commissie is daardoor nog maar een klein deel van de inkomenssteun direct aan veeteelt verbonden.

Voor critici is dat onvoldoende. Zowel wetenschappelijke adviesorganen als — in voorzichtige bewoordingen — de Europese Rekenkamer riepen op tot een landbouwbeleid dat beter aansluit op gezonde, duurzame voeding. Het Strategisch Dialoog over de toekomst van de EU-landbouw concludeerde dat het "cruciaal" is om consumenten te helpen meer plantaardig te eten.

De vraag dringt zich op: kan Brussel geloofwaardig klimaatbeleid voeren zolang het met de ene hand campagnes financiert die oproepen méér biefstuk te eten, en met de andere hand klimaatdoelen proclameert die juist een andere voedselkeuze vereisen?