De Verenigde Staten vieren dit jaar hun 250ste verjaardag, maar de band tussen Nederland en Amerika is veel ouder. Een van de mooiste voorbeelden daarvan is het verhaal van Sarah Rapelje, het eerste kind van Europese kolonisten dat in Nieuw-Nederland werd geboren. Vier eeuwen later leven volgens historici naar schatting een miljoen Amerikanen die van haar afstammen.
Geboren in de nieuwe wereld
Sarah werd rond 1625 geboren, kort nadat haar ouders vanuit de Lage Landen de oversteek naar de nieuwe wereld hadden gemaakt. Zij behoorden tot de eerste kolonisten van Nieuw-Nederland, de Nederlandse kolonie rond de rivier de Hudson, waar later New York zou verrijzen. Het waren geen goudzoekers, maar handelaren: de drijvende kracht achter de kolonie was de handel, vooral in pels.
Een stammoeder van velen
Sarah trouwde jong en kreeg een groot gezin. Via haar kinderen en kleinkinderen groeide haar nageslacht in de eeuwen daarna uit tot een enorme groep. Historici verbinden er zelfs bekende Amerikanen aan. Voor veel van haar afstammelingen is de Nederlandse oorsprong inmiddels onzichtbaar geworden, verstopt onder generaties Amerikaanse geschiedenis.
Een erfenis die bleef
Nieuw-Nederland bestond maar een paar decennia. In 1664 namen de Engelsen het over en werd Nieuw-Amsterdam omgedoopt tot New York. Toch bleef de Nederlandse invloed hangen, in plaatsnamen als Brooklyn (van Breukelen) en Harlem (Haarlem), en in een cultuur van handel en betrekkelijke verdraagzaamheid. Juist rond een jubileum als dit is het aardig om te bedenken hoeveel van het vroege Amerika begon met een handvol families uit de Lage Landen, en met een baby die als eerste in die nieuwe wereld ter wereld kwam.



