De bevolkingsgroei door migratie loopt terug. Het migratiesaldo, het verschil tussen het aantal mensen dat naar Nederland komt en dat vertrekt, kwam vorig jaar uit op 94.690, het laagste punt sinds coronajaar 2020. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

De cijfers

In 2025 kwamen ongeveer 306.550 mensen naar Nederland, terwijl er 211.860 vertrokken. Onder de streep resteert een saldo van net onder de 100.000. Ter vergelijking: in 2022 piekte het migratiesaldo op ruim 200.000, mede door de grote komst van Oekraïense vluchtelingen. De daling van de afgelopen jaren zet daarmee door.

Minder asielaanvragen

Een belangrijke oorzaak is de terugloop van het aantal asielaanvragen. Het aantal eerste asielverzoeken daalde van 31.180 in 2024 naar 24.070 vorig jaar, een kwart minder. Dat past in een bredere Europese trend, waar het aantal aanvragen eveneens afnam. Ook speelt mee dat de kans op een verblijfsvergunning voor Syriërs kleiner werd: het aandeel ingewilligde eerste aanvragen daalde van 54 naar 34 procent, mede door een andere inschatting van de veiligheidssituatie in Syrië. Tegelijk vertrokken meer Syriërs uit eigen beweging.

Ook minder kennismigranten

Naast asiel daalde ook de arbeids- en kennismigratie. Het aantal kennismigranten, werknemers van buiten de EU die naar Nederland komen, nam met zo'n 16 procent af. Volgens het kabinet hangt dat samen met beleid dat is gericht op het beperken van migratie, waaronder ook studiemigratie.

Migratie blijft politiek gevoelig

De daling komt in een tijd waarin migratie een van de meest besproken politieke onderwerpen is. Voorstanders van beperking zullen de cijfers zien als bewijs dat het beleid werkt, terwijl anderen wijzen op de rol van economische en internationale factoren, zoals de afname van het aantal vluchtelingen in heel Europa. Wat de oorzaak ook is, migratie blijft de belangrijkste motor achter de Nederlandse bevolkingsgroei, nu er meer mensen overlijden dan er geboren worden.