Zwaar beveiligde gevangenissen mogen drones die hun kant op vliegen straks zelf onschadelijk maken. Vanaf 1 juli krijgen inrichtingen met een extra of uitgebreid beveiligingsniveau de bevoegdheid om onbemande toestellen te verstoren of uit te schakelen, meldt de Rijksoverheid. Eerder berichtte ook NU.nl erover.

Drones als smokkelroute

De maatregel is een antwoord op een groeiend probleem. Criminelen zetten steeds vaker drones in om verboden spullen — denk aan telefoons en drugs — over de muren een gevangenis binnen te brengen. Zo'n vliegende smokkelroute ondermijnt de beveiliging en is lastig te stoppen. "Criminelen zoeken voortdurend naar nieuwe manieren om verboden spullen gevangenissen binnen te krijgen. Drones vormen daarbij een groot risico", aldus staatssecretaris Claudia van Bruggen (Justitie en Veiligheid).

Niet langer wachten op de politie

Tot nu toe moest de Dienst Justitiële Inrichtingen het hebben van de politie om tegen een drone op te treden. In de praktijk werkte dat slecht: tegen de tijd dat agenten ter plaatse waren, was de drone vaak alweer verdwenen. Met de nieuwe bevoegdheid kan het personeel van de inrichting zelf direct ingrijpen. De bevoegdheid geldt voor onbemande voertuigen in de lucht, maar ook over de grond, onder de grond of over het water.

Voor wie geldt het?

Niet elke gevangenis krijgt deze mogelijkheid. Het gaat specifiek om inrichtingen met een hoog beveiligingsniveau: de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught, afdelingen voor terrorismeverdachten, afdelingen voor intensief toezicht en locaties waar zeer risicovolle gedetineerden zitten. Juist daar zijn de veiligheidsbelangen — en de risico's bij ontsnapping of voortgezet crimineel handelen — het grootst.

Hoe en met welke risico's

Hoe het neerhalen precies gebeurt, is niet in detail naar buiten gebracht. Het ligt voor de hand dat wordt gewerkt met apparatuur die het signaal van een drone verstoort, zodat het toestel niet meer bestuurbaar is. Aan zo'n ingreep kleven wel vragen: een drone die uit de lucht valt kan schade aanrichten, en het verstoren van signalen mag de gewone luchtvaart niet in gevaar brengen. Volgens het kabinet wordt alleen ingegrepen als een drone een concrete bedreiging vormt en lichtere maatregelen niet volstaan.

Naast het actief bestrijden van drones investeert de overheid ook in detectie, zodat naderende toestellen eerder in beeld komen. De nieuwe bevoegdheid is zo één onderdeel van een bredere aanpak tegen smokkel via de lucht.