Op de Nederlandse woningmarkt gloort voorzichtig optimisme: er werden begin dit jaar weer meer bouwvergunningen verleend. Maar wie iets verder kijkt, ziet een hardnekkig probleem. Het aantal daadwerkelijk opgeleverde woningen daalt nog steeds, en de stijging van de vergunningen is broos. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Meer vergunningen, minder opleveringen

In het eerste kwartaal van 2026 verleenden gemeenten vergunningen voor zo'n 23.500 nieuwbouwwoningen — bijna 4.700 meer dan een jaar eerder. Dat is goed nieuws, want vergunningen zijn de voorbode van toekomstige bouw. Tegelijk werden er in datzelfde kwartaal minder woningen opgeleverd dan een jaar eerder. Over de eerste helft van het jaar kwamen er per saldo ruim dertigduizend woningen bij, iets minder dan in dezelfde periode van 2025.

De lange weg van vergunning naar sleutel

Het venijn zit in de tijd die ertussen zit. De gemiddelde doorlooptijd van vergunning tot oplevering is opgelopen tot bijna twee jaar, waar dat tien jaar geleden nog rond de zestien maanden lag. Een vergunning die nu wordt verleend, levert dus pas over geruime tijd een bewoonbare woning op. Daardoor zegt de huidige opleving in de vergunningen weinig over het aantal sleutels dat op korte termijn wordt uitgereikt — en kan een hapering verderop in het proces de winst zo weer tenietdoen.

Een gevulde pijplijn die maar traag leegloopt

Er zit intussen veel werk 'in de pijplijn': honderdduizenden woningen zijn wel vergund maar nog niet gebouwd. Dat klinkt geruststellend, maar het laat vooral zien dat er een verschil zit tussen wat op papier mag en wat er daadwerkelijk verrijst. Stijgende bouwkosten, capaciteitsproblemen en stikstofbeperkingen zorgen ervoor dat projecten worden uitgesteld of duurder uitvallen, waardoor de vergunde aantallen niet vanzelf in opgeleverde woningen veranderen.

Waarom het ertoe doet

Voor wie een woning zoekt, is dat een ontnuchterende boodschap. Nederland kampt met een fors woningtekort, en om dat in te lopen zijn jarenlang grote, stabiele bouwaantallen nodig. Een eenmalige opleving in de vergunningen is mooi, maar zonder een betrouwbare stroom — én een snellere route van vergunning naar oplevering — blijft de verlichting van de woningnood voorlopig vooral een kwestie van geduld.