'De zee raakt leeg' is een krachtige leus, maar de werkelijkheid is genuanceerder — en daarmee niet minder zorgwekkend. Wereldwijd wordt volgens de FAO ruwweg een derde van de onderzochte visbestanden niet duurzaam bevist: er wordt meer uitgehaald dan een bestand op lange termijn kan aanvullen. Houdt dat aan, dan krimpt een bestand tot visserij niet meer rendabel is — of het stort in.

De Noordzee: een gemengd beeld

Dichter bij huis is het beeld wisselend. De internationale onderzoeksraad ICES, die overheden van vangstadvies voorziet, ziet dat een meerderheid van de beoordeelde Noordzeebestanden binnen duurzame grenzen wordt bevist — beter dan decennia geleden. Maar dat gemiddelde verhult grote verschillen tussen soorten.

Kabeljauw is het pijnlijkste voorbeeld: het Noordzeebestand zit al jaren onder de grens waaronder de voortplanting structureel in gevaar komt, en herstel laat op zich wachten. Makreel is de acute crisis van het moment — de voortplantende biomassa is in tien jaar tijd sterk gekrompen, en de Good Fish Foundation zette de soort op rood in de VISwijzer. Wetenschappers adviseerden de vangst fors te verlagen, maar de afspraken tussen de kustlanden bleven daar volgens natuurorganisaties boven hangen.

Tegenover die zorgen staan lichtpunten. Schol heeft zich juist sterk hersteld en behoort weer tot de ruime bestanden, en ook tong laat een voorzichtige stabilisatie zien. Overbevissing is dus geen onomkeerbaar lot: met goed beheer kunnen bestanden terugkomen.

Waarom het meer is dan 'te veel vangen'

Overbevissing draait niet alleen om aantallen. Ook de mánier van vissen telt: sleepnetten die over de zeebodem schrapen, beschadigen leefgebieden, en bijvangst kost wereldwijd jaarlijks grote aantallen zeezoogdieren als dolfijnen en bruinvissen het leven, waarschuwt onder meer WWF. Een gezonde zee vraagt dus om aandacht voor zowel de bestanden als de techniek.

Keurmerken en de VISwijzer

Gelukkig hoef je als consument of kok niet zelf de bestandscijfers bij te houden. Het blauwe MSC-keurmerk staat voor wild gevangen vis uit gecertificeerde visserijen die op bestand, milieueffect en beheer zijn getoetst, en die traceerbaar is door de hele keten. Voor gekweekte vis vervult het ASC-keurmerk een vergelijkbare rol.

Daarnaast is er de gratis VISwijzer van de Good Fish Foundation en WWF, die soorten en vangstmethoden beoordeelt met een stoplichtsysteem: groen (goede keuze), oranje (vraag naar de herkomst) en rood (liever niet). Per vissoort kan het oordeel verschillen, afhankelijk van wáár en hóe de vis is gevangen.

Wat je zelf kunt doen

  • Kijk naar het label. Een MSC- of ASC-keurmerk of een groene score op de VISwijzer is de betrouwbaarste aanwijzing.
  • Varieer. Populaire soorten als kabeljauw en makreel staan zwaar onder druk; minder voor de hand liggende soorten als haring, schol of koolvis scoren vaak beter.
  • Let op de vangstmethode. Lijngevangen vis kent doorgaans minder bijvangst dan sleepnetvisserij — bij sommige soorten bepaalt de methode of het groen of oranje is.
  • Vraag ernaar. Bij de visboer of in een restaurant naar herkomst en vangstwijze vragen, stuurt het aanbod.

De zee is niet leeg. Maar de marges worden smaller — en welke bestanden de komende jaren herstellen, hangt mede af van wat beleidsmakers én eters kiezen.