Het aantal doden door de twee zware aardbevingen in Venezuela is opgelopen tot zeker 920. Duizenden mensen raakten gewond en reddingswerkers zoeken nog altijd naar overlevenden onder ingestorte gebouwen. Het dodental kan de komende dagen verder oplopen.

Twee schokken kort na elkaar

De ramp begon op woensdag 24 juni, toen Venezuela binnen korte tijd door twee zware aardbevingen werd getroffen. De schokken hadden een magnitude van ruim 7 en lagen relatief ondiep, wat de verwoestende uitwerking verklaart. Het epicentrum lag in het noorden van het land, niet ver van dichtbevolkt gebied.

De kuststreek ten noorden van de hoofdstad Caracas werd het zwaarst geraakt. Talloze woongebouwen stortten geheel of gedeeltelijk in; ook in de hoofdstad zelf raakten flats en kantoorpanden zwaar beschadigd. De voornaamste luchthaven liep schade op, wat de aanvoer van hulp in de eerste uren bemoeilijkte.

Reddingswerkers tegen de klok

Volgens internationale berichtgeving zaten woensdag nog tientallen mensen vast onder het puin. Reddingsteams werken tegen de klok, omdat de overlevingskans van bedolven slachtoffers met het verstrijken van de uren snel afneemt. Het aantal gewonden loopt in de duizenden.

Venezolaanse media meldden dat veel meer mensen worden vermist, maar die cijfers zijn niet officieel bevestigd door de autoriteiten. Het werkelijke aantal slachtoffers wordt pas duidelijk naarmate meer ingestorte gebouwen zijn doorzocht.

Nederlands USAR-team naar Venezuela

Nederland behoort tot de landen die concrete hulp op de grond sturen. Het kabinet zet een Urban Search and Rescue-team (USAR) in: gespecialiseerde reddingswerkers met getrainde speurhonden en zwaar materieel om overlevenden onder meters puin op te sporen. Het Nederlandse team heeft ruime ervaring in rampgebieden wereldwijd. Venezuela had zelf internationaal om hulp gevraagd.

Wereldwijde hulpoperatie

Venezuela ontvangt steun uit tientallen landen. Buurlanden en grotere mogendheden stuurden reddingsteams, medisch personeel en noodgoederen; het Internationale Rode Kruis maakte geld vrij voor de eerste noodhulpfase. Een overzicht van toegezegde hulp laat zien dat onder meer de Verenigde Staten, Spanje, Frankrijk, Mexico en Colombia bijdragen leveren.

Crisis bemoeilijkt hulp

De rampenrespons wordt bemoeilijkt door de diepe economische en politieke crisis waarin Venezuela al jaren verkeert. De infrastructuur was al verzwakt vóór de bevingen, en de beschadigde luchthaven vormt een extra obstakel voor de aanvoer van hulpgoederen. Hulporganisaties dringen aan op een ongehinderde doorgang voor de internationale hulpverlening.