Wat de studie vond
Onderzoekers van Queen Mary University of London analyseerden Engelse bevolkingsgegevens over sterfte aan baarmoederhalskanker van 2001 tot 2024. Hun belangrijkste bevinding is opvallend: tussen 2020 en 2024 overleed in Engeland voor het eerst in enige gemeten periode geen enkele vrouw van 20 tot 24 jaar aan baarmoederhalskanker. Zonder vaccinatie waren naar schatting ongeveer 23 sterfgevallen in deze leeftijdsgroep verwacht. Voor de invoering van het programma in 2008 stierven jaarlijks zo'n twintig vrouwen onder de dertig aan de ziekte.
De daling hangt samen met de leeftijd waarop iemand werd ingeënt. Vrouwen die op hun twaalfde of dertiende werden gevaccineerd, hadden volgens eerder onderzoek ongeveer 87 procent minder kans op baarmoederhalskanker dan niet-gevaccineerde vrouwen. Bij vaccinatie op latere leeftijd was de bescherming kleiner. Dat past bij het principe dat het vaccin het beste werkt vóórdat iemand met het virus in aanraking komt.
Hoe betrouwbaar is het onderzoek?
De studie is gepubliceerd in The Lancet, een van de meest gezaghebbende medische tijdschriften, en gefinancierd door Cancer Research UK. Omdat het om een analyse van landelijke bevolkings- en sterftecijfers gaat, omvat het in principe de hele Engelse bevolking en is de groep dus zeer groot.
Tegelijk gaat het om een observationele studie: er wordt een verband gelegd tussen vaccinatie en dalende sterfte, geen strikt bewijs van oorzaak en gevolg via een gecontroleerd experiment. Bovendien zijn de aantallen sterfgevallen bij heel jonge vrouwen klein, omdat baarmoederhalskanker op die leeftijd zeldzaam is. "Nul sterfgevallen" is daardoor een krachtig maar ook gevoelig getal. De onderzoekers schatten dat het Engelse programma sinds 2008 al ongeveer 200 levens heeft gered.
Hoe werkt de HPV-prik?
Baarmoederhalskanker wordt vrijwel altijd veroorzaakt door het humaan papillomavirus (HPV), dat seksueel overdraagbaar is. Het vaccin zet het afweersysteem aan tot het maken van antistoffen die het virus onschadelijk maken vóórdat het een blijvende infectie kan veroorzaken. Daarmee voorkomt de prik niet alleen kanker zelf, maar ook voorstadia daarvan.
Wat betekent dit voor Nederland?
Ook Nederland vaccineert tegen HPV. Sinds 2022 krijgen niet alleen meisjes maar ook jongens de prik, in het jaar dat zij tien worden. Volgens het RIVM beschermt het vaccin tegen zes vormen van kanker, waaronder baarmoederhalskanker en mond-, keel-, anus-, penis- en vaginale kanker. Dat ook jongens worden ingeënt verkleint de verspreiding van het virus en beschermt henzelf tegen HPV-gerelateerde kankers. De Engelse cijfers geven een voorzichtig hoopvol beeld van wat ook in Nederland mogelijk is naarmate gevaccineerde generaties ouder worden.
Kanttekeningen: vaccinatiegraad en blijven screenen
Het succes staat of valt met de vaccinatiegraad. In Engeland lag de dekking in de jongste cohorten dicht bij 90 procent. In Nederland is die lager: rond 2022 liet ongeveer 60 procent van de opgeroepen meisjes zich vaccineren, al stijgt dat percentage door inhaalvaccinaties. Een lagere dekking betekent dat een deel van de vrouwen onbeschermd blijft.
Daarom benadrukt het RIVM dat het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker belangrijk blijft, ook voor gevaccineerde vrouwen. Het vaccin beschermt namelijk niet tegen alle hoogrisicotypen van HPV. Pas met een combinatie van hoge vaccinatiegraad én blijvende screening komt het doel van het vrijwel uitbannen van baarmoederhalskanker in zicht; Engeland mikt op 2040.



