Ze verdienen soms meer dan ooit, maar komen toch niet uit. Voor een groeiend deel van de jongvolwassenen in Nederland vreten hoge vaste lasten en wisselende inkomens het maandbudget op. De oorzaak ligt niet bij één ding, maar bij het samenspel van dure huren, gestegen energie- en boodschappenkosten en een arbeidsmarkt die jongeren stelselmatig in de flexibele schil houdt.
Wonen kost een hap uit het inkomen
Wie als jongere huurt, is daar een fors deel van het inkomen aan kwijt. Jonge huurders besteden gemiddeld een groot deel van wat binnenkomt aan woonlasten — huur, energie en lokale belastingen samen. Dat laat weinig ruimte voor boodschappen, vervoer of onverwachte uitgaven.
De oorzaak is deels structureel. Een koopwoning is in de overspannen markt voor veel starters onbereikbaar, waardoor ze aangewezen zijn op de vrije huursector, waar de prijzen de afgelopen jaren stevig opliepen. In de sociale huur staan de wachtlijsten, zeker in de Randstad, jarenlang vol.
Flexcontract als valstrik
Naast het wonen speelt de arbeidsmarkt een hoofdrol. Volgens het CBS had eind 2024 maar zo'n 30 procent van de werkenden jonger dan 30 jaar een vast contract. Ter vergelijking: bij de groep van 60 tot 65 jaar is dat bijna 90 procent. Jongeren zitten daarmee structureel in de flexibele schil — met tijdelijke contracten, oproepwerk of als zzp'er.
Dat heeft directe gevolgen. Zonder vast inkomen is sparen lastig, krijg je minder makkelijk een hypotheek of huurcontract, en sta je bij tegenvallers snel met lege handen. Het Nederlands Jeugdinstituut wijst erop dat jongeren tegelijk te maken hebben met onzekere inkomsten, instabiele contracten, moeilijke toegang tot betaalbare woningen én stijgende kosten van levensonderhoud — een opeenstapeling die elkaar versterkt.
Rekeningen blijven liggen
Het gevolg laat zich raden: betalingsproblemen nemen toe. Budgetvoorlichters signaleren dat een groeiend deel van de huishoudens het afgelopen jaar rekeningen niet kon betalen, en jongvolwassenen zijn daarbij oververtegenwoordigd. Zij hebben minder spaargeld opgebouwd en kampen vaker met wisselende inkomsten, waardoor één onverwachte rekening al voor problemen zorgt.
Daar komt bij dat veel jongeren onvoldoende zijn voorbereid op financiële zelfstandigheid. Budgetteren, weten waar je recht op hebt aan toeslagen — het is voor een deel van hen onbekend terrein. Geld is in veel gezinnen bovendien een taboeonderwerp, waardoor jongeren het wiel zelf moeten uitvinden.
Zonder ingrijpen blijft het knellen
De combinatie van dure huurwoningen, flexibele contracten en stijgende vaste lasten vormt een fuik waar steeds meer jongeren in belanden: te veel kwijt aan wonen, te wisselend inkomen om te sparen, en geen buffer om tegenvallers op te vangen. Het Jeugdinstituut pleit onder meer voor structureel financieel onderwijs op scholen. Daarnaast wijzen deskundigen op de bekende knoppen: meer betaalbare woningen, betere bescherming voor flexwerkers en laagdrempelige schuldhulp. Zonder die stappen blijft de financiële positie van een hele generatie kwetsbaar.



