Groene stroom en natuurbescherming botsen in Zeeland letterlijk op elkaar. Bij het windpark rond de Kreekraksluizen zijn twintig windmolens verplicht stilgezet nadat een zeearend was doodgegaan, vermoedelijk door een botsing met een draaiende wiek. Overdag moeten de betreffende turbines voortaan stilstaan.
De directe aanleiding
De zeearend werd dood aangetroffen bij het windpark. Voor de toezichthouder was dat reden om in te grijpen: een deel van de molens moet uit voorzorg worden stilgelegd op de momenten dat de vogels actief zijn. Overdag, als zeearenden vliegen en jagen, staan de wieken stil; 's nachts mogen ze draaien. Volgens betrokkenen was dit niet het eerste geval van een dodelijke aanvaring op deze locatie, wat de ingreep extra urgentie gaf.
Een beschermde topjager
De zeearend is geen alledaagse vogel. Met een spanwijdte tot ruim twee meter is het een van de grootste roofvogels van Europa, en de soort geniet strenge wettelijke bescherming. Lange tijd was de zeearend als broedvogel uit Nederland verdwenen, maar sinds de jaren rond 2006 keert hij terug en broeden er weer tientallen paren in het land. Juist door dat kwetsbare herstel weegt het verlies van een enkel dier zwaar.
Techniek als uitweg
De exploitanten van het windpark moeten nu maatregelen nemen om herhaling te voorkomen. De meest genoemde oplossing is een detectiesysteem dat naderende zeearenden herkent en de betreffende molens automatisch afremt of stopzet. Zulke systemen worden elders in Zeeland al toegepast, wat laat zien dat een middenweg tussen energie en natuur technisch mogelijk is. Tot zo'n systeem operationeel is, blijft de verplichte stilstand van kracht.
Een breder dilemma
De zaak staat symbool voor een spanning die door heel Nederland speelt. Het land wil af van fossiele brandstoffen en zet zwaar in op windenergie, terwijl tegelijkertijd beschermde vogelsoorten voorzichtig terugkeren. Windmolens en roofvogels delen soms dezelfde ruimte, met alle risico's van dien. De stilgezette molens bij Kreekraksluizen tonen dat de energietransitie niet alleen over megawatts gaat, maar ook over de vraag hoe je de natuur die je wilt beschermen niet alsnog schade toebrengt.



