De nachtelijke dopingcontroles bij Tadej Pogacar en Jonas Vingegaard hadden een juridische basis: een Parijse rechter had er vooraf toestemming voor gegeven. Vingegaard werd rond twee uur 's nachts gewekt, Pogacar rond vijf uur. De controles werden uitgevoerd door het International Testing Agency.
Wat de wet vereist
Hier zit de kern van de zaak, en die verdient precisie. De Franse sportwetgeving staat controles in de nacht niet zomaar toe. Er moet toestemming van een rechter zijn, en die geeft die alleen als er sprake is van wat de wet "ernstige en consistente vermoedens" noemt dat een sporter de antidopingregels overtreedt of van plan is te overtreden.
Dat is geen formaliteit. Het is een drempel die hoger ligt dan bij een gewone controle, en het feit dat een rechter die drempel gehaald achtte, is precies wat deze zaak ongemakkelijk maakt.
Wat dit niet betekent
Even belangrijk is wat er níet is gemeld. Waar die vermoedens op gebaseerd waren, en of ze zich richtten op de renners zelf, op hun omgeving of op iets anders, is niet openbaar gemaakt. Er zijn geen positieve tests bekendgemaakt en er loopt voor zover bekend geen tuchtzaak tegen een van beiden.
Een controle is een controle. Wie 's nachts wordt gewekt voor een test, is daarmee nergens van beschuldigd en al helemaal niet ergens voor veroordeeld. Dat onderscheid is in dit dossier makkelijk kwijt te raken, en juist daarom hoort het in elke zin die erover geschreven wordt.
De sportieve nasleep
Voor de Tour zelf had de nacht wel gevolgen, of in elk geval een verhaal. Vingegaard kwam later ten val en moest de ronde verlaten. Pogacar opperde dat de onderbroken nachtrust daaraan kan hebben bijgedragen; Vingegaard zelf noemde de controle "niet ideaal", maar weigerde die als excuus voor zijn val te gebruiken.
Dat is een verstandige scheiding. Een val in een afdaling heeft doorgaans een directe oorzaak, en die laat zich niet herleiden tot een test enkele uren eerder.
Waar de discussie nu over gaat
De vraag die overblijft is er een van proportionaliteit. Antidopingorganisaties hebben instrumenten nodig die werken, en sommige stoffen zijn maar kort aantoonbaar, wat een nachtelijke controle effectief maakt. Daar staat tegenover dat slaap voor een wielrenner in een driewekenkoers geen luxe is maar onderdeel van de prestatie.
De Franse wet probeert dat te ondervangen door een rechter ertussen te zetten. Of die waarborg voldoende is, is nu precies het punt waar het gesprek in het peloton over gaat.



